header (20K)



20/9/2016
13/9/2016
6/9/2016
30/6/2016
23/8/2016
'Dordtse kunst' in Bondfilm
16/8/2016
J.de Wittstraat-Stationsweg
2+9/8/2016
Smitshoek
26/07/2016
Kwis 2016
19/7/2016
Annexatie Dubbeldam
12/7/2016
Vakantiekinderfeest
5/7/2016
Sportfondsenbad
28/06/2016
Dempen Nieuwe Haven
21/06/2016
Boterbeurs
14/06/2016
Een Dordtse Rutten. Of niet?
31/05/2016
De Holland, was was dat?

Op zaterdag 11 juli opent het Nationaal Onderwijsmuseum de deuren voor publiek. In het fantastisch gerestaureerde gebouw De Holland aan de Burgemeester De Raadtsingel. De Holland, wat was dat?

Er zullen maar weinig Dordtse families zijn, die niets te maken hebben gehad met De Holland. Er was altijd wel een oom, tante, verre neef of goede bekende die op de loonlijst van De Holland had gestaan, of er vakantiewerk deed. En als dat niet het geval was, dan was er wel een polis van een brand- of inbraakverzekering van De Holland in huis. De Holland (van 1859!) was in Dordrecht verankerd.

De Holland was op 6 juni 1859 een van de laatste in de reeks van provinciale verzorgingsmaatschappijen die vanaf 1800 werden opgericht. De eerste directeuren waren Pieter Johannes de Kanter en Karel Johannes Julianus Lotsij die zijn naam later veranderde in het wat sjiekere Lotsy.
Dat die twee mannen als directeuren werden aangetrokken door geldschietendende Dordtenaren mag best wel bijzonder worden genoemd. De Kanter was een 31-jarige handelaar in graan met geen enkele ervaring in het verzekeringswezen. Of het gezegde 'Geen man pedanter dan P.J. de Kanter' op hem sloeg of op een van zijn familieleden, is niet bekend. Ook Karel J.J. Lotsij, telg uit een stokoud Dordts geslacht met burgemeesters en ministers, had niets met verzekeringen. Hij was nog niet eens 21 jaar toen hij voor de functie werd gevraagd en moest zelfs speciale toestemming hebben om financiële handelingen te kunnen verrichten, een zogenaamde handlichting. Die kreeg hij van niemand vreemd, 'de minister van Marine, Zijne Excellentie, meester J.S. Lotsij', (hoe toevallig) zijn vader.
3-kanter-lotsij-lotsy (16K)
De eerste directeuren van De Holland, links P.J. de Kanter jr., rechts K.J.J. Lotsij.
Het Dordtse bedrijfsleven, en zeker De Holland, had een hoog ons-kent-ons-gehalte. De mannen die in Dordrecht de touwtjes in handen, trouwden met de dochters van de mannen die de touwtjes in handen hadden: Vriesendorp, Blussé, De Kat, 't Hoof, Dura en nog een paar. En als dat soort dochters op was, was er altijd wel een nichtje dat in het huwelijks bootje wilde stappen om maar niet uit te hoeven wijken naar het gewone Dordtse gepeupel.

Het eerste kantoor van De Holland was aan de Nieuwehaven in een kamertje in het woonhuis van De Kanter die de administratie deed. Lotsij ging op pad met trekschuit en koets om polissen te slijten en agentschappen te vestigen.
In eerste instantie ging het met De Holland voortvarend. In het eerste boekjaar werd ruim 15.000 gulden aan premie betaald en er hoefde slechts 3000 gulden uitgekeerd te worden.
Daarna was het met de resultaten vaak hollen of stilstaan. In het tiende jaar was de premieopbrengst bijna 50.000 gulden, maar er was voor maar liefst 33.000 gulden aan claims. En in 1877, 'het rampjaar', werd aan premies bijna 80.000 ontvangen maar er werd 177.000 gulden uitgekeerd. Het reservefonds moest vaak worden aangesproken Gelukkig ging het later beter.

Na ruim 40 jaar traden de eerste directeuren De Kanter en Lotsy af. Ze werden opgevolgd door, hoe kan het ook anders, De Kanter en Lotsy (neef en zoon), die later werden opgevolgd door De Kanter en Lotsy. Deze laatste Lotsy werd later landelijk bekend als Karel Lotsy, sportbestuurder, begeleider Nederlands elftal, chef de mission bij drie Olympische Spelen en na WOII onterecht neergezet als collaborateur.
Na nog een tijdje gevestigd te zijn geweest in de Prinsenstraat verhuisde De Holland naar de Wijnstraat waar in 1907 het pas gebouwde pand werd uitgebreid met een naastliggend huis, dat wordt afgebroken en in dezelfde stijl als het kantoor weer wordt opgebouwd. Later volgde op dezelfde manier een pand aan de andere kant. Ook de twee andere buurpanden - het hoekpand bij de Wijnbrug en de latere apotheek (nu restaurant Strada del Vino) stonden op de nominatie om gesloopt te worden maar dat is gelukkig niet doorgegaan.
2-wijnstraat2 (29K)
De kantoren van De Holland aan de Wijnstraat in 1934. Bij de gebouwen stond in het jubileumboek de tekst (van links naar rechts): tweede uitbreiding, eerste uitbreiding, oorspronkelijk gebouw (= het hoge pand, derde uitbreiding en bestemd voor uitbreiding.
Vanaf 1915 ging De Holland ook concurrerende maatschappijen overnemen, uit Amsterdam, Haarlem, Den Bosch, Bergen op Zoom, Kampen en andere steden. Een paar decennia later zou ook De Holland zelf slachtoffer worden van zo'n fusievirus.

In 1939 werd het bijzondere gebouw aan de Burgemeester De Raadtsingel betrokken. Architect was Sybold van Ravesteyn ontwierp in een tijd dat Nederlandse steden steeds vaker werden geteisterd door de architectuurstijl het Nieuwe Bouwen, een kantoorgebouw met eigenzinnig vormen en 'overbodige' detaillering. Bij de opening was de kritiek niet mals. De Dordrechtsche Courant sprak van 'een stoomboot op het droge' en 'een hoedendoos met een pijp er op'. Misschien was 'bonbonnière' nog wel de vriendelijkste typering. Architect S.D. Neter schreef: 'Dit gebouw weerspiegelt niet de mensch, doch de élite, dat wil zeggen een hautaine minachting voor de grote massa der geteisterde menschheid.' En het Rotterdamsch Nieuwsblad vond het ontwerp ouderwets, 'want dit moderne Dordtsche verzekeringskantoor zou ook omstreeks 1800 gebouwd kunnen zijn'.
<1-holland-ext-1965 (39K)
Het complex van De Holland rond 1960. In 1953 was aan de achterzijde een in stijl passend gebouw bijgebouwd dat in 1965 samen met de conciërgewoning en kantine werd opgeofferd voor een helaas nog bestaand vijf lagen tellend, foeilelijk kantoorflat aan de achterzijde.
In 1970 werd De Holland van 1859 net als veel andere maatschappijen onderdeel van AMEV, de Algemene Maatschappij voor Exploitatie van Verzekeringen, ook wel cynisch genoemd Alles Moet Eerst Verhuizen, en Alles Moet Eerst Verkeerdgaan. De AMEV werd gevestigd in Utrecht waardoor De Holland uit Dordrecht vertrok. Het gebouw aan de Burgemeester De Raadtsingel werd door de latere gebruikers (Bos Kalis Westminster, Albert Heijn en Kwantum) grotendeels gesloopt waardoor alleen een geraamte overbleef, met aan beide zijden een ronduit belachelijk ijzeren korset als uitbreiding.
Ook met de AMEV liep het niet goed af. Dat werd onderdeel van het aan grootheidswaanzin leidende Fortis. Nu kan ASR (afkorting voor Amev - Stad Rotterdam) als voortzetting van De Holland van 1859 worden beschouwd.

- 0 - 0 -
steegoversloot (396K)


paardentram0 (366K)


texel (474K)


vliegen (428K)


en nog veel meer


[ © Copyright Jaap Bouman/DORDT.NL ]